top of page

Maïm (3)

11 feb 2023
3 minuten om te lezen


Maïm is een echt oudje nu. Noem haar gerust bejaard; ze heeft alweer dik 12 jaar op de teller staan. Dat zijn er bijna 90 in mensenlevens.


Over de hele lijn en met wat haar lijf allemaal al te verstouwen kreeg, doet ze het nog altijd ongelooflijk goed. Toch merk ik ook dat de citroen langzaamaan uitgeknepen raakt. Ik moet haar voortaan haast van de bank trekken om het bos in te gaan, ze eet soms een paar dagen niet zo goed en eenmaal buiten wisselt ze vreugdevolle wandelingen af met die waarin ze alleen maar kan sjokken.


Op die dagen, waarin ze niet zo in haar hum lijkt, hou ik haar goed in de gaten. Hoe kijkt ze uit haar ogen, wil ze wat extra rijst in haar eten misschien, of een pan vol met stamppot en jus?


Dat laat ze zich heerlijk smaken. Toch ligt ze daarna weer loom op haar mand. Of dat maak ik ervan; wanneer ze opkijkt, zie ik alleen maar een wanhopige blik. En dan hoor ik mezelf weer denken: het zal toch niet…


Ik weet dat dat een keer komt, dat we de laatste fase ingaan. Nu al kan het iedere dag over zijn met haar, zeker in de zomer, wanneer ze de hitte niet goed uit haar lijf krijgt. Maar goed, het is nog winter, dus ligt ze heerlijk warm tegen me aan te snurken, stinkend zoals nooit tevoren. Vaak is de geur werkelijk niet te harden, maar wat maakt mij het uit? Maïm kan alles maken. Ik knuffel haar alleen nog maar meer en geniet van de dagen wanneer er niets aan de hand lijkt. Maar hobbelt ze dan ineens toch weer achter me aan dan zie ik zomaar de sluier van de toekomst oplichten; zo zullen onze laatste dagen samen zijn...


Hoezeer ik er in mijn hoofd ook rekening mee hou en hoe vaak ik ook al in bed lag te huilen bij de gedachte dat haar mand leeg zal zijn … wat er écht zit, daar diep vanbinnen, druk ik gauw weer weg. Ik klamp me vast aan de hoop; dat die mindere fase nog niet het einde hoeft te betekenen. Mag het alsjeblieft pas over een jaar zover zijn? Dan ben ik weer wat ouder, misschien wat sterker, wie weet wat minder overgevoelig ook.


Want drie jaar geleden schreef ik al zulke wanhopige stukjes. En een zomer later was er dat herseninfarct. Weer een jaar verder kreeg ze een tumor. En ze is er nog steeds, mijn lieve, oude, kreupele, stinkende Maïm. En ik … ik ben nog altijd hetzelfde gevoelige ei. Ik zie haar telkens weer opkrabbelen; na een paar moeilijke dagen huppelt ze dan tóch weer voor me uit en eet ze gewoon weer haar bak leeg. En zo kan ik blijven zeggen 'dat dat moment een keer komt’. Het is nog niet zover. Voorlopig is ze er nog. Dus zit ik veilig. Ik leef weer in de waan dat ze voor altijd bij mij zal zijn.


Dat heet illusie. En heus, ik zie de ironie daarvan. Ik voel me als een moeder en tegelijkertijd wentel ik me in de zorgeloosheid van een kind dat in uitersten denkt; het droomt dat alles voorgoed zal blijven zoals het is om daarna te janken omdat de dingen nóóit meer zullen zijn zoals ze waren.


Dat is het onverdraaglijke dat ik soms ervaar. Weten dat een illusie zal verdampen, is pijnlijker dan het echte gevoel omarmen. Maar kennelijk moet een mens aan zelfkastijding doen. En dus laat ik me verscheuren door emoties in plaats van te voelen wat er werkelijk zit, achter al die verterende projectietroep. Dat haar dood het afscheid van mijn beste maatje betekent. En dat dat, heel simpel, het huilen waard is. Bakken vol.



 
 
 

Gerelateerde posts

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page